Plaats muis hier even voor:                                    Marta en Maria, de zussen in beweging voor Jezus                                                                                                                                             Voorlezen                                                                                   

Marta snapte er niks van. Hoe kon Jezus nou toestaan dat Maria aan Zijn voeten naar Hem zat te luisteren. Alsof Maria Zijn leerling was.  Ja, dat Jezus een rabbi is, was wel waar. Maar Maria een leerling? Nog wel in haar huis aan Jezus’ voeten? Het moest toch niet gekker worden. Een Joodse vrouw zit niet als een leerling aan de voeten van een rabbi. Dat was een mannenplaats. Vrouwen horen daar niet. Vrouwen moeten alleen maar dienstbaar zijn en gastvrijheid uitstralen1. En daarom de handen laten wapperen als er gasten zijn.

Dat deed Marta dan ook2 nadat zij en Maria Jezus en de Zijnen hartelijk verwelkomd hadden3. Maar kijk Maria nou eens. Niks geen wapperende handen.  Zit ze daar stil met devoot gevouwen handen aan de voeten van Jezus4. Moest zij, Marta, dan alles alleen doen? Nee toch. Dat hadden ze toch niet afgesproken. En waarom zei Jezus niet tegen Maria dat ze later wel met elkaar konden praten. Dat ze eerst Marta maar moest helpen. Het duurde dan ook maar even of Marta was niet alleen kwaad op Maria. Ook op Jezus. Driftig stapte ze op Hem af en zei op verwijtende toon: ‘Heer, kan het U niet schelen dat mijn zus mij alle werk laat doen? Zeg tegen haar dat ze mij moet helpen’5 .

Maar dat zei Jezus niet. Integendeel zelfs. Jezus zei dat zij, Marta, zich niet over van alles druk moest maken. En niet zo bezorgd moest zijn6. Hoezo maakte zij zich druk en was zij bezorgd over van alles?  Het werk moest toch klaar! En Maria zat daar maar bij Jezus op die mannenplaats te niksen. Wat haar nog het meeste stak was dat Jezus zei dat er maar één ding noodzakelijk is7. En juist dát had Maria gekozen8. Bedoelde Jezus dat het Koninkrijk van God het enig noodzakelijke is9? Betekent dat dat je bij Jezus hoort. Dat dát het belangrijkste is in je leven10? Naar dat goede nieuws wíl je toch luisteren. Meer nog, daarvoor kom je in beweging!

Dat bleek een paar weken later wel. Magda en Maria waren naar het huis van hun zieke broer Lazarus in Betanië gegaan11. Zij hadden Jezus nog laten weten dat hij ernstig ziek was12. Helaas was Jezus niet gekomen, Hij bleef nog twee dagen waar Hij was13. Juist toen was Lazarus gestorven14. Was Jezus maar gekomen dan zou Lazarus niet gestorven zijn15.  Pas vier dagen nadat hij begraven was, was Jezus in de buurt van Betanië aangekomen16. Zodra Marta hoorde dat Jezus in de buurt was, wist zij niet hoe gauw ze naar Jezus toe moest gaan17. Maar Maria bleef toen weer zitten waar ze was18. Niet bij Jezus,  maar bij de rouwende buren en vrienden19. Jezus was voor haar even heel ver weg. Tot……..

Tot Jezus haar via Marta liet weten dat Hij op haar  wachtte20.

 Toen wist ook Maria niet hoe gauw ze naar Jezus moest gaan21.

Jezus wachtte op haar!!!

En dat gebeurt nog steeds.

Als je bij Jezus hoort luister je naar Zijn woorden22.

Kom je in beweging23.

1 Vergelijk bijvoorbeeld: https://www.workingpreacher.org/commentaries/.

2 Lucas 10,40a: Maar Marta werd helemaal in beslag genomen door de zorg voor haar gasten

3 Lucas 10,38: Toen ze verder trokken ging Hij een dorp in, waar Hij gastvrij werd ontvangen door een vrouw die Marta heette.

4 Lucas 10,39: Haar zus, Maria, ging aan de voeten van de Heer zitten en luisterde naar zijn woorden.

5 Lucas 10,40b:

6 Lucas 10,41: De Heer zei tegen haar: ‘Marta, marta, je bent zo bezorgd en je maakt je druk over zoveel dingen.

7 Lucas 10,42a: Er is maar één ding noodzakelijk

8 Lucas 10,42b: Maria heft het juiste gekozen, en dat zal haar niet worden afgenomen.

9 Lucas 12,31: Zoek liever zijn koninkrijk, en die andere dingen zullen je erbij gegeven worden.

10 Romeinen 8,1a: Dus wie in Christus Jezus zijn, worden niet meer veroordeeld.

11 Johannes 11,1: Er was iemand ziek, een zekere Lazarus uit Betanië, het dorp waar Maria en haar zus Marta woonden.

12 Johannes 11,3: De zussen stuurden iemand naar Jezus met de boodschap: ‘Heer, uw vriend is ziek.’

13 Johannes 11,6: Maar toen Hij gehoord had dat Lazarus ziek was, bleef Hij nog twee dagen waar Hij was

14 Johannes 11,14: Toen zei Hij (Jezus) hun ronduit: Lazarus is gestorven

15 Johannes 11, 21: Marta zei tegen Jezus: Als U hier was geweest, Heer, zou mijn broer niet gestorven zijn.

16 Johannes 11,17: Toen Jezus daar aankwam, hoorde Hij dat Lazarus al vier dagen in het graf lag.

17 Johannes 11,20a: Toen Marta horde dat Jezus onderweg was ging zij Hem tegemoet.

18 Johannes 11,20b: terwijl Maria thuis bleef.

19 Johannes 11,31a: Terwijl de Joden die bij haar in waren om haar te troosten…

20 Johannes 11,28: Na deze woorden ging ze terug, ze nam haar zus Maria apart en zei: ‘De meester is er, en Hij vraagt naar je.’

21 Johannes 11,29: Zodra Maria dit hoorde ging ze naar Jezus toe.

22 Romeinen 10,17: Dus door te luisteren komt men tot geloof, en wat men hoort is de verkondiging van Christus

23 Openbaring 3,20: Ik sta voor de deur en klop aan. Als iemand mijn stem hoort en de deur opent, zal ik binnenkomen, en we zullen samen eten. Ik met hem en hij met Mij.